Het achtervangformulier

Wat het precies is weet ik niet, maar iedere dinsdag is een zeer onrustige dag. Niet alleen in mijn groep maar door de gehele school is het onrustig. Zo ook vandaag. Met moeite worstelen we ons door de dag heen. De leerlingen, zij die willen maar ook zij die zeer moeilijk bij zichzelf kunnen blijven. En ook ik. Hoe meer moeite ik doe, hoe lastiger sommige leerlingen het lijken vinden om zich te gedragen.

Op school hebben we een zogenaamde ‘achtervang’. Dat is een kleine ruimte waar leerlingen, wanneer het in de klas ‘niet lukt’ en ook in de preventieve escapeklas niet, naartoe gebracht worden om daar hun gedrag te overdenken en te reflecteren. Als doel van deze escapemogelijkheden, zo staat beschreven in het protocol, wordt gesteld een leerling weer terug in de klas te krijgen. Concreet betekent dit dat er een gesprek plaatsvindt met de klassenassistent en leerlingen vullen een achtervangformulier in.

Als theoretische onderbouwing is gebruik gemaakt van het boek ‘Tel dan eerst even tot tien’ van J. Jeninga (2010). Het achtervangformulier is mede vormgegeven vanuit het gedachtengoed van Stephen Covey en Harrie Velderman. De laatstgenoemde heeft een zeer praktisch boek geschreven dat ik iedereen aanraad om eens te lezen: Time-out en switch (mail me als je het boek nergens kan vinden).

Velderman beschrijft een ecologische visie rondom een time-out of switch-moment. Het duurzame aspect zit ‘m in het doel van de switch, dat mijn inziens ook het doel van de escapemogelijkheden zou moeten zijn: een mogelijkheid (of kans) voor de leerling om zijn problemen op te lossen, te reflecteren en controle terug te vinden. Er staat verder dat deze mogelijkheid maar spaarzaam gebruikt mag worden in verband met de negatieve effecten van verwijdering uit een situatie.

Een leerling mag oefenen. Door rood heen rijden. Door na het switch-moment, samen met het ingevulde formulier, in gesprek te gaan met de leerkracht zorgt dit voor een duurzaam karakter. Door een beschouwing op dat wat is voorgevallen (nadat emoties een plek hebben) kan ieder zijn/haar eigen rol evalueren. Ook ik als leraar. Want ik ben de volwassene die de leerling leert oefenen bewust te worden van zijn eigen proces.

Nadenken over eigen reacties en reactie van de ander zijn daarbij van essentieel belang. Door bewust te worden van eigen motivaties én verwachtingen van de ander, wordt bewustzijn gecreëerd op de effecten van eigen gedragingen, prikkeleffecten en ego-belangen. Maar ook inzicht in situaties, hoe ze ontstaan en beweegredenen van de ander waardoor empathisch vermogen wordt gestimuleerd, zijn belangrijke aspecten. Pas dan kan worden nagedacht over oplossingen en alternatieven situaties te voorkomen.

Deze visie is het overwegen waard om schoolbreed uit te stralen. Een visie waarin er geen kader wordt afgetekend maar waarbinnen de lijn van een demarcatie geschetst is. Waar gummen en verplaatsen van de grenslijn nog mogelijk is. Waar iedere situatie opnieuw bekeken wordt. Waar ruimte en lucht blijft ontstaan.

Vandaag ervaar ik hoe basaal gedrag in deze fase van het jaar nog is. Hoe grenzen op een kinderlijke wijze worden afgetast. En tegelijkertijd lees ik dat het formulier wel degelijk aanzet tot reflectie. Een aantal voorbeelden van vandaag:

Ik zat de hele tijd te praten, niet mee na te kijken, de les te hinderen en door de meneer heen te praten. Ik ben eigenaar van het probleem. De oplossing is stoppen wanneer de meneer het vraagt en luisteren naar de docent. Ik heb geen verwachting van de ander want het probleem lag aan mij.”

09 SEP-15 Het achtervangformulierIk ben niet te stoppen met mijn storende gedrag. Ik voelde me onrustig, maar ook blij. Andere leerlingen deden mee. Ik ben eigenaar van het probleem. Ik verwacht van de ander dat hij me soms eventjes laat gaan.” Op de vraag in de chat op papier vraag ik wat ik hem dan kan laten doen, zonder dat hij storend is voor zichzelf, de leerlingen de wel door willen met de les en mij als leraar. Een ‘weet ik niet’ volgt.

Wat ik zie is dat leerlingen het zeer moeilijk vinden en zelfs niet eens benoemen welke ondersteuning zij nodig hebben van mij, hun ouders en/of medeleerlingen. Ze lijken allemaal zelf eerst in hun sop te willen gaarkoken. Of wellicht dat ze geen voorbeelden hebben, of ooit de kans gehad deze voorbeelden uit te testen!?

Ook zicht op, laat staan de inzet, eigen vaardigheden worden niet benoemd. Is het dan niet in de eerste plaats van belang dat ik hun leer en laat inzien waar zij goed in zijn? Over welke vaardigheden zij beschikken?

Een onrustige dag. En toch sluit ik ‘m positief af. Om het inzicht. Om het reflecterend vermogen van leerlingen. En om de vaardigheden die de andere leerlingen inzetten zonder dat zij zich hier bewust van zijn. Zij zijn een voorbeeld. Blijven dicht bij zichzelf en sterker, staan open om de ander te helpen!

Advertenties

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s